Japanse pancakes: extra dik en luchtig

Japanse pancakes: extra dik en luchtig

Pannenkoeken! Wie heeft er geen heerlijke jeugdherinneringen aan het pannenkoekenhuis? Met appel, spek en stroop. Of mijn guilty pleasure: pannenkoek met rundvleesragout. Zo smullen! Ook de Japanners hebben de pannenkoek ontdekt. Ze eten hem het liefst zo fluffy mogelijk, bijna als een soufflé. Vandaag deel ik het recept voor Japanse pancakes met je.

Deze Japanse pancakes zijn nog dikker en luchtiger dan de Amerikaanse. Als een kussentje. Of een wolkje. Poëtische beschrijvingen schieten te kort 😉 Ze zijn heerlijk met vers fruit en wat slagroom of – iets gezonder – een schep Griekse yoghurt. Zit je al te watertanden?

De truc achter deze torenhoge Japanse pancakes: stijfgeklopt eiwit, bakpoeder en een steekring.

Ingrediënten (voor 2 personen)

  • 3 eieren
  • 3 eetlepels melk
  • 50 gram zelfrijzend bakmeel
  • 2 eetlepels vanillesuiker
  • 1 theelepel boter of olie
  • optioneel: bakspray

Voor erbij:

  • Griekse yoghurt
  • (vers) fruit
  • maple syrup
  • poedersuiker

Materiaal: steekringen van +/- 6 centimeter in diameter, een mixer en een koekenpan

Bereiding Japanse pancakes

  1. Splits de eieren. Zorg dat er geen eigeel bij het eiwit komt!
  2. Kluts het eigeel en mix met een garde de melk erdoor. Blijf kloppen tot het eigeel dik en schuimig is.
  3. Voeg het zelfrijzend bakmeel toe aan het eigeel. Klop goed door, zodat er geen klontjes meer in zitten.
  4. Klop de eiwitten. Zodra de eiwitten wit en stijf beginnen te worden, voeg je de suiker toe. Blijf kloppen, tot het eiwit glanzend is en stijve pieken vormt. Tip: zorg ervoor dat je mixer en kom echt vetvrij zijn, door deze te ontvetten met een klein beetje azijn of citroensap. Vet zorgt er namelijk voor dat de eiwitten niet goed stijf zullen worden.
  5. Spatel het eiwit door het eigeel-mengsel. Doe dit voorzichtig, zodat het eiwit luchtig blijft.
  6. Spray de binnenkant van de steekringen in met bakspray (invetten met een keukenpapiertje en een klein beetje boter/olie kan ook).
  7. Verhit een koekenpan. Leg de steekringen in de pan. Schep 3 eetlepels beslag in iedere ring. Laat dit 2 minuten garen. Schep er dan nog 2 eetlepels op, tot je goeie dikke pancakes hebt.
  8. Bak de Japanse pancakes op lage temperatuur, met de deksel op de pan. Als je geen passende deksel hebt, werkt een omgekeerde wok ook. Omdat de pannenkoekjes zo dik zijn, duurt het even voor de binnenkant gaar is. Als je op te hoog vuur bakt, zijn de boven- en onderkant zwart, en de binnenkant nog rauw. Tip: help de pancakes een handje, door ze licht te stomen. Twee eetlepels water in de pan (niet op de pannenkoekjes, maar ergens ernaast), en snel weer de deksel erop.
  9. Bak de pannenkoekjes 6 á 7 minuten. Draai ze dan heel voorzichtig om. Bak ook de andere kant 6 á 7 minuten.
  10. Als beide kanten goudbruin zijn en de binnenkant gaar, kun je de pannenkoeken op een bord leggen en de steekring voorzichtig verwijderen.
  11. Dien de Japanse pancakes op met wat je maar lekker vindt: fruit, room, stroop… Serveer ze voor ze instorten!

Meer weten over Japans eten?