Indonesische maïssoep met tempeh en 2 kleuren sambal

Indonesische maïssoep met tempeh en 2 kleuren sambal

Vandaag op het menu: Indonesische maïssoep à la Indorock, met tempeh en twee kleuren sambal. Say what?!

Het recept voor de soep is gebaseerd op een recept uit het briljante kookboek Indorock: Indonesische smaken in een nieuwe jas van Vanja van der Leeden. Het was het Gouden Kookboek van 2019. Hierin wordt rete-stoer Indonesisch gekookt. Klassiekers worden gecombineerd met moderne smaken of worden in een geheel ander jasje gestoken. Zoals deze soep, die gebaseerd is op ‘perdekel jagung’, gefrituurde maïskoekjes. Vanja van der Leeden tovert de koekjes om tot ‘sop jagung’: geurige maïscrème met citrusorkest. En die is me toch een partij lekker!

In het originele recept uit wordt deze soep opgediend met een felgroene maar subtiele pandanolie, kokosroom en kant-en-klare borreltempeh. 

Heerlijk. Maar zelf houd ik van net wat meer pit. Ik serveer de soep daarom met twee kleuren sambal: een frisse groene variant en een zoete tomatensambal. Ook bak ik liever zelf blokjes tempeh, dat geeft het gerecht net wat meer substantie. Niet vegetarisch? Vervang de tempeh dan bijvoorbeeld door gebakken gamba’s.

Ingrediënten (2 personen)

Voor de groene sambal

  • 3 groene chilipepers (in ringetjes)
  • 1 sjalotje (gesnipperd)
  • 1 teen knoflook(grof gehakt)
  • 2 blaadjes kaffir lime (in reepjes gesneden)
  • 3 eetlepels (zonnebloem)olie
  • snuf zout
  • mespuntje suiker
  • 1 theelepel verse gember (geraspt)
  • 1 theelepel citroengras (geraspt)
  • kneepje limoensap

Voor de tomatensambal

  • bakje cherrytomaatjes (250 gram)
  • snuf gemalen korianderzaad
  • zout en zwarte peper
  • 1 sjalotje (heel fijn gesnipperd)
  • 1 teen knoflook (fijngehakt)
  • 2 rode pepers (afhankelijk van welk type je gebruikt en hoe pittig je de sambal wilt maken; fijngehakt)
  • 1 theelepel palmsuiker of bruine basterdsuiker
  • 3 blaadjes kaffir lime
  • 4-6 eetlepels (zonnebloem)olie

Voor de Indonesische maïssoep

  • 4 maiskolven
  • 1 eetlepel olie om in te bakken
  • 1 ui (gesnipperd) 
  • 1 teen knoflook (fijngehakt)
  • 2 groene pepers
  • 2 stengels citroengras (gekneusd)
  • 3 centimeter verse gember (in 3 á 4 plakjes)
  • 5 blaadjes kaffir lime
  • 1 blokje groentebouillon

Voor de tempeh

  • 100 gram tempeh
  • 1 theelepel sambal oelek
  • 1 eetlepel ketjap manis
  • 3 eetlepels olie om in te bakken

Bereidingswijze Indonesische maïssoep met tempeh en 2 kleuren sambal

  1. Maak de groene sambal

    • Stamp de gehakte groene pepers, sjalot, knoflook en reepjes kaffir limeblad fijn in een vijzel of gebruik de staafmixer.
    • Verhit 2 eetlepels olie in een koekenpan. Fruit het pepermengsel hierin een paar minuutjes aan.
    • Voeg vervolgens zout, suiker, geraspte gember en citroengras toe. Bak de sambal nog +/- 10 minuten zachtjes door. Voeg indien nodig nog wat extra olie toe. 
    • Haal de pan van het vuur en knijp er naar smaak een beetje limoensap bij. Even doorroeren, proeven en klaar.
  2. Maak de tomatensambal

    • Verhit 1 eetlepel olie in een koekenpan. Voeg de tomaatjes toe. Bak ze +/- 8 minuten op middelhoog vuur, tot ze zacht zijn. Schud de pan af en toe om, zodat ze niet aanbranden. 
    • Voeg nog 2 á 3 eetlepels olie toe aan de pan. Doe de sjalotjes, knoflook en pepers erbij. Voeg een snuf gemalen korianderzaad en zout en peper toe (naar smaak). Zet het vuur iets later. Laat alles nog een paar minuutjes zachtjes verder bakken. 
    • Doe vervolgens de suiker en limoenblaadjes in de pan. Laat alles nog 10 minuten zachtjes pruttelen, tot het een zacht en smeuïg geheel is. Schep de boel zo nu en dan om. Voeg eventueel wat extra olie toe als het geheel te droog wordt; sambal heeft lekker veel olie nodig. Haal voor het serveren de limoenblaadjes eruit. Als je een wat gladdere sambal wilt, kun je het geheel met de staafmixer (een klein beetje!) pureren.
  3. Maak de soep

    • Doe de maïskolven in een grote pan, met zoveel water dat ze net onder staan. Kook ze 20 minuten op laag vuur.
    • Verhit de olie in een koekenpan. Fruit daarin de ui. Voeg na een paar minuutjes de knoflook en groene peper toe. Bak dit even zachtjes mee.
    • Haal na 20 minuten de maïskolven met een tang uit het water. Giet 1 liter van het maïskookvocht bij het uienmengsel. Voeg citroengras, gember, limoenblaadjes en het bouillonblokje toe en laat alles minimaal 30 minuten op een laag vuurtje trekken. 
    • Snijd ondertussen de maïs van de kolven. 
    • Vis de stukken gember, citroengras en limoenblad uit de bouillon. Dit kun je weggooien. Voeg daarna de maïskorrels toe en laat alles nog even doorkoken. 
    • Pureer de soep met een staafmixer. Voor een grove structuur laat je hem zo. Voor een gladdere soep druk je alles met een lepel door een zeef. Beide opties zijn lekker!
    • Proef de soep en voeg eventueel nog wat zout of een kneepje limoensap toe.
  4. Afmaken

    • Bereid tot slot, vak voor het opdienen, de tempeh. Snijd de tempeh in kleine dobbelsteentjes of reepjes. Marineer de tempeh kort in een mengsel van sambal oelek en ketjap manis. Frituur de tempeh in de olie en laat uitlekken op een stukje keukenpapier. 
    • Schep de Indonesische maïssoep in kommen. Doe er wat lepeltjes sambal in en leg in iedere kom een bergje tempeh.

Meer weten over Indonesisch eten?