Culinair Zuid-Korea in twee weken

Culinair Zuid-Korea in twee weken

Het is verbazingwekkend hoeveel eettentjes je overal in Zuid-Korea ziet. De Koreanen eten dan ook veel buiten de deur, vaak in restaurants die gespecialiseerd zijn in één gerecht. Reken niet op een Engelstalige menukaart en laat je verrassen! Toch behoefte aan tips? Lees dan hier mijn aanraders voor culinair Zuid-Korea (plus leuke activiteiten tussen de maaltijden door).

Kijk hier voor een handige kaart.

Seoul

Dag 1 – 4: verrukkelijk Seoul

Vrijwel iedereen die naar Zuid-Korea reist, zal beginnen in de hoofdstad Seoul. Wat een heerlijke stad! Hier is zoveel te eten, drinken en beleven, dat ik er een aparte blog over geschreven heb: culinair Seoul in 4 dagen

 

Sokcho en Seoraksan National Park

Dag 5: kraakverse sashimi in Sokcho

  • Begin de dag met een relaxed ontbijtje in Seoul en stap dan op de bus naar Sokcho, aan de oostkust, op zo’n 60 kilometer van de grens met Noord-Korea. Het busvervoer in Zuid-Korea is – zoals bijna alles in dit land – top geregeld. De reis duurt ongeveer 3 uur.
  • Wandel langs de kust naar de Sokcho Fishery & Tourist Market.  De vismarkt zit in de kelder van het marktgebouw. Je vindt er tanks vol vis, enorme krabben en inktvissen. Hier kun je in één van de vele tanks een vis aanwijzen, die vervolgens wordt omgetoverd tot een bord vol hoe (Koreaanse sashimi) en maeuntang (vissoep). Uiteraard krijg je er verschillende Koreaanse bijgerechten bij. Probeer ook de gekke specialiteit mongeh (een slijmerig, eetbaar zeedier). Anders dan de naam misschien doet vermoeden, zagen we hier geen enkele andere westerse toerist. Bovendien spreekt vrijwel niemand Engels – best een uitdaging.
  • Sokcho is verder een slaperig stadje, dus duik lekker vroeg je bed in. Zo ben je de volgende ochtend lekker fit!

 

Dag 6: hiken in Seoraksan

  • Even een dagje waarin eten en drinken niet centraal staat: je gaat calorieën verbranden in Seoraksan National Park! Een bezoek aan dit gebied draait om hiken door de schitterende bergen. Dus doe als de Koreanen: trek je fleurige afritsbroek aan en gáán! In Seoraksan kun je verschillende (een- of meerdaagse) hikes maken. Wij kozen de populaire tocht naar Ulsanbawi Rock. De wandeling is maar 4,5 kilometer, maar vergis je er niet in. De eerste kilometers voeren langs kabbelende beekjes en zijn prima te doen. Maar dan verschijnen de eindeloze trappen. Dat is pittig, zeker in de brandende zon. Het uitzicht op de top is echter fenomenaal!
  • Tot slot toch nog even wat over de versnaperingen: bij de ingang van het park is volop eten en drinken te verkrijgen. Oh, dat koude biertje na het hiken… Let wel op: op de trails is er niets verkrijgbaar, neem dus voldoende water en snacks mee!

 

Seoraksan

Daegu

Dag 7: traditionele medicijnen & KFC in levendig Daegu

  • Neem ‘s ochtends vroeg een bus naar Daegu (uurtje of 5). Deze stad met 2,5 miljoen inwoners ligt in het hart van Zuid-Korea. Verken in de middag de traditionele medicijnmarkt. Het is de oudste van Zuid-Korea. Er is een klein museum en in de winkeltjes daar omheen vind je de gekste geneesmiddelen: van geurige specerijen tot gedroogde salamanders en geweien. 
  • Het moet er toch minimaal één keer van komen als je in Zuid-Korea bent: ga Korean Fried Chicken eten. In het levendige centrum van Daegu zijn verschillende plekken waar dit kan (en lees hier hoe je het zelf maakt). Ze zijn superkrokant. Je eet ze naturel, met knoflook of (mijn favoriet!) in een plakkerige, zoet-pittige saus. 
  • Nog zin in een drankje? In downtown Daegu vind je honderden kroegen en discotheken. In een aantal barretjes verkopen ze cocktails “to go”, in een soort boterhamzakje met een rietje. Tsja. Wat moet je daar nou van vinden? Leuk om te doen: tap je eigen biertjes bij Daegu Tap & Grill. In deze bar tref je een mix van Koreanen, expats en toeristen. Kies één van de 20 soorten bier, scan je polsbandje, begin met tappen en betaal per milliliter.

 

Dag 8: Haein-sa tempel & spicy spareribs

  • Op 1,5 uur met de bus ligt de Haein-sa tempel. Dit is een van de drie belangrijkste tempels van Zuid-Korea. En hij is prachtig! Vol houtsnijwerk, kleurige schilderingen en kleine pagodes. Bij de tempel worden ook de Tripitaka Koreana bewaard. Dit zijn ruim 81.000 houten blokken waar de teksten van de boeddhistische leer in zijn gekerfd. 
  • Terug naar Daegu voor het diner. Één van de gerechten die je niet mag missen, is jjim galbi: een stoofpot van botermalse runderribbetjes in een pittige saus. Je eet ze uiteraard met verschillende bijgerechten. In het district Dongin-dong schijnt het gerecht uitgevonden te zijn; nu is er een straat waar alle restaurantjes gespecialiseerd zijn in dit gerecht. 

 

Gyeongju

Dag 9: eet als een koning in Gyeongju

  • In een uurtje reis je met de bus naar je volgende stop: Gyeongju. Wat zou ik graag tips willen geven over de hikingtochten in dit gebied, maar helaas: dagenlange, onophoudelijke regen gooide roet in het eten. Er is in en rondom Gyeongju in ieder geval genoeg te doen, variërend van de bijzondere grassige graftombes (tumuli) tot hiken in de omgeving.
  • Wat je in ieder geval MOET doen als je in Gyeongju bent: ga eten bij Hongsi Hanjeongsik. Voor omgerekend 13 euro krijg je hier een hele tafel vol bijzondere Koreaanse specialiteiten. Variërend van gemarineerde rauwe krabbetjes, tot smaakvolle tofu en salade met zoetwaterslakjes. Hier eet je als een koning (maar wel in kleermakerszit). Wat mij betreft één van de hoogtepunten van culinair Zuid-Korea!

 

Busan

Dag 10: chillen in Spaland & op Gwangalli Beach

  • Neem ‘s ochtends de trein naar Busan. De reis duurt een uurtje. Heb je bij aankomst zin een bijzondere spa-ervaring? Ga dan naar Spa Land. Dompel je onder in de hete baden en geniet (in een katoenen pyjama!) van de sauna’s. Er zijn Koreaanse “saunaspecialiteiten” die je kunt proeven, zoals bingsu (schaafijs) en sikhye (zoete rijstdrank).
  • Neem tegen de avond lijn 2 naar Gwangalli Beach (Gwangan Station). Slenter langs de boulevard en bewonder de zonsondergang. Je vindt hier geen rustig strand met wuivende palmbomen. Het is stads, maar het uitzicht op de wolkenkrabbers maakt het voor mij juist heel tof!
  • Er zijn talloze restaurantjes en barretjes aan de boulevard. Het voelt allemaal een beetje alsof je aan de Spaanse costa loopt, maar ach! Een leuk tentje voor een drankje is Owl & Pussycat. Bijzondere biertjes, fatsoenlijke pizza, relaxte vibe én uitzicht op de lichtshow op de Gwangan Bridge (van zonsondergang tot 1:00/2:00 ‘s nachts, afhankelijk van het seizoen).

 

Dag 11: zee, vis en Gamcheon Culture Village en orgaanvlees-barbecue

  • Begin na het ontbijt met een wandeling door Taejongdae Park, in het zuidoostelijke puntje van Busan. In een paar uurtjes loop je door naaldbossen en langs de steile kliffen. Op het zuidelijkste puntje staat een vuurtoren. Het park is netjes aangeharkt, misschien zelfs iets te veel: de wandelpaden zijn geasfalteerd en rijdt een hop-on-hop-off toeristentreintje. Je komt hier met lijn 1 (Nampo Station) en een busje. 
  • Lunchtijd! Neem lijn 1 terug naar de vismarkt van Jagalchi. Het is de grootste vismarkt van Zuid-Korea. Je eet hier spartelverse vis. Je kunt naar één van de restaurantjes gaan en iets bestellen van de kaart, of zelf een vis kopen en die laten bereiden hoe je hem wilt (sashimi, gebakken, soep). Bestel er een fles makgeolli of soju bij en je kunt je lol op! 
  • Stap weer op metrolijn 1, naar Gamcheon Culture Village. Vanaf het metrostation moet je een klein busje nemen (dat wijst zich vanzelf). 
  • Zin in een avontuurlijk diner? Ga gopchang eten! Dit is Korean BBQ, maar dan met orgaanvlees. Lever, maag en darmen worden voor je neus bereid op een kleine barbecue. Je wikkelt een stukje vlees in een slablad met wat Koreaanse dipsaus, wat uienringen en rauwe knoflook. Best lekker (maar je moet er misschien niet teveel bij nadenken…). Wij aten bij Munhwa Yanggopchang in Seomyeon, in hartje Busan.

 

Dag 12: hiken op Gamjeung-san & Korean BBQ

  • Ook de omgeving van Busan heeft veel te bieden. Wij gingen hiken door de bergen ten noorden van Busan, met uitzicht op de enorme stad. Neem aan de voet van het Geumgang Park de kabelbaan omhoog. Dit is het startpunt van een stevige hike (5 á 6 uur) van uitkijktoren naar uitkijktoren. Vroeger stond hier namelijk een fort; nu zijn er enkel nog wat stadsmuren te zien. Aan het einde van de wandeling kun je ook nog de mooie Beomeo-Sa tempel meepikken.
    TIP: maak nadat je uit de kabelbaan stapt, aan het begin van de wandeling, een foto van de kaart van de berg. De bewegwijzering is namelijk in het Koreaans…
    TIP2: neem voldoende eten en drinken mee, op de berg is er namelijk niets te krijgen.
  • Terug in de stad ben je waarschijnlijk wel toe aan een stevige maaltijd. Ga bijvoorbeeld Korean barbecuen, toch wel een must-do in culinair Zuid-Korea. Dit kan op eindeloos veel plekken in het land. Een prima plek in Busan is Podocheong. Je kiest een aantal soorten vlees uit en bakt dit zelf, op een barbecue in het midden van de tafel (met een grote afzuigkap erboven). Terwijl veel restaurants een elektrische of gasbarbecue hebben, werkt de barbecue hier op kolen. Uitkijken geblazen: om de barbecues te vullen, sjouwen obers met bakken gloeiende kolen door het restaurant! De sfeer is een gezellige mengeling van toeristen en jonge Koreanen, die veelal aan tafels vol lege bier- en sojuflessen zitten. Rumoerig en rokerig, maar zeker gezellig!

 

Jeonju

Dag 13: traditioneel Jeonju

  • In ongeveer 3 uur reis je met de bus van Busan naar de stad Jeonju. Een bezoek aan Jeonju is niet complete zonder het traditionele hanok village te verkennen. De huizen zijn mooi, maar het is ook mega toeristisch. Bewoners hebben zelfs spandoeken opgehangen: gedraag je of blijf weg! Jammer, maar begrijpelijk.: Sommige toeristen doen echt asociale dingen om het perfecte Instagram-plaatje te schieten.
  • Lunch met dé specialiteit uit Jeonju: Jeonju bibimbap. Dit is steak tartaar op een bedje van rijst, met verschillende soorten fijngesneden groente, een klodder rode pepersaus en een rauwe eidooier. Ontzettend lekker. Bestel na je lunch een karafje moju, nog zo’n specialiteit uit Jeonju. Dit is een Koreaanse rijstwijn die uren is gekookt met allerlei kruiden en specerijen, waardoor hij zoet en geurig wordt als glühwein. In het hanok village zijn verschillende zaken die Jeonju bibimbap serveren. Wij aten bij Hankookkwan en vonden het uitstekend. 
  • Ga op street-art jacht in Jeonju Jaman Village. Vlakbij Hanok Maeul ligt dit kleine, voorheen armoedige dorpje. Nu zijn de huizenversierd met kleurrijke muurschilderingen. Ook hebben zich galleries en koffiezaakjes in het dorpje gevestigd (jup, gentrification in full swing). Erg leuk om doorheen te wandelen, en heel rustig bovendien. Wij gingen vlak voor zonsondergang en kwamen – op een enkele dorpsbewoner en kat – niemand tegen. 

 

Meer weten over culinair Zuid-Korea?

 



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *