Chana dal met knoflook, pepers en korianderzaad

Chana dal met knoflook, pepers en korianderzaad

Deze Indiase dal wordt gemaakt van splitkikkererwten. Hij is makkelijk, voedzaam, goedkoop en vooral: heel erg lekker! De pittige tarka van goudgeel geroosterde knoflook, korianderzaad en groene peper maakt het helemaal af.

Tarka is een techniek die veel gebruikt wordt in de Indiase keuken. Het wordt ook wel tadka, vagarne of chaunk/chonk genoemd. Het idee is simpel: specerijen, knoflook en/of chilipepers worden geroosterd in hete olie of ghee (geklaarde boter). Daardoor komen de aroma’s vrij en krijgt de olie heel veel smaak. Omdat je superhete olie gebruikt en de smaakmakers niet mogen verbranden, is het belangrijk dat je alles in de juiste volgorde in de pan doet: hele specerijen eerst, daarna pepers en knoflook en helemaal op het laatst gemalen specerijen. Gebruik een olie die goed tegen hoge temperaturen kan. En blijf opletten, want de specerijen kunnen binnen enkele seconden omslaan van lekker geroosterd naar volledig verbrand (jep, been there…)

Je kunt de olie met de smaakmakers aan het begin van de bereiding door het gerecht roeren (bijvoorbeeld als je een curry maakt) of de olie juist op het laatst over een gerecht gieten (zoals in dit recept).

Ingrediënten chana dal met pittige tarka (2 personen)

Voor de dal

  • 250 gram chana dal (gedroogd te koop bij de toko; gebruik anders gele spliterwten)
  • 1 liter water
  • 1 eetlepel plantaardige olie
  • 1 ui (gesnipperd)
  • 2 tenen knoflook (fijngehakt)
  • 2 theelepels garam masala
  • 1 theelepel geelwortel (kurkuma)
  • 1 theelepel komijnpoeder
  • 1 theelepel chilipoeder
  • halve theelepel korianderpoeder
  • zout (naar smaak)
  • flinke klont boter

Voor de tarka

  • 2 á 3 eetlepels plantaardige olie
  • 2 theelepels korianderzaad (niet gemalen)
  • 1 theelepel komijnzaad (niet gemalen)
  • 3 tenen knoflook (in dunne plakjes)
  • 2 á 3 kleine groene chilipepers (ingeprikt met een vork, zodat ze goed hun smaak kunnen afgeven)
  • flinke snuf fenegriek
  • flinke snuf gemalen korianderpoeder

Met de specerijen in de tarka kun je naar hartenlust variëren. Je kunt bijvoorbeeld ook mosterdzaad gebruiken, of venkelzaad. Net wat je in huis hebt en wat je lekker vindt.

Lekker voor erbij:

Lekker met stukken tomaat. Een raita erbij (verfrissende yoghurt met komkommer, knoflook en verse munt) doet het ook altijd goed. Ook lekker: naan of chapati’s, basmatirijst en/of papadums. Wij aten het daarnaast met paneer met spinazie en tomaat – dat recept volgt binnenkort!

Bereidingswijze chana dal en tarka

  1. Was de chana dal tot er helder water afkomt. Doe ze vervolgens in een pan met 1 liter vers water en breng aan de kook. Er komt wat schuim aan het oppervlak; dat is niet erg, maar je kunt het eraf scheppen als je het onappetijtelijk vindt. Voeg wat extra water toe als het droog dreigt te koken. Laat de chana dal in +/- 40 minuten zachtjes gaar koken. Ze moeten zacht zijn, zonder harde stukjes maar niet papperig.
  2. Ondertussen bereid je de tarka voor. Omdat dit straks op rap tempo én op hoog vuur gebakken wordt, is het handig als alles afgemeten en gesneden klaar staat.
  3. Ga nu verder met de dal. Verhit een eetlepel olie in een koekenpan en bak hierin de ui rustig aan. Hij mag best een beetje bruin kleuren. Bak de gehakte knoflook even mee. Voeg daarna de specerijen (garam masala, kurkuma, komijn-, chili- en korianderpoeder) en het zout toe.
  4. Roer het mengsel door de chana dal. Gebruik een lepel om de peulvruchten een beetje te pletten. Als het mengsel veel is afgekoeld, zet de pan dan even terug op laag vuur. Voeg eventueel nog een beetje extra water toe, tot de dal de juiste consistentie heeft. Roer er een flinke klont boter door om de dal romig te maken. Schep hem in een schaal of op borden.
  5. Maak nu snel de afwerking: de tarka. Verhit een koekenpan op middelhoog vuur en laat de olie heet worden. Voeg de koriander- en komijnzaadjes toe en laat ze een half minuutje knetteren. Doe daarna de pepers erbij en vervolgens de knoflookplakjes. De pepertjes mogen best een beetje schroeien. Bak tot de knoflookplakjes goudgeel en krokant zijn (maar niet te lang, dan wordt hij bitter). Voeg in de laatste seconden wat gemalen fenegriek en koriander toe (of gebruik hele zaden, maar voeg ze dan aan het begin toe). Let goed op en houd de pan in beweging: als één van de ingrediënten verbrandt, kun je opnieuw beginnen.

Meer weten over de Indiase keuken?



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *