Bibim naengmyeon (pikante koude Koreaanse noedels)

Bibim naengmyeon (pikante koude Koreaanse noedels)

Hete zomeravonden vragen om hete gerechten. Bibim naengmyeon is heerlijk, pittig én verkoelend. Het is een fris en licht gerecht, dat toch bomvol smaak zit. Wat wil je nog meer?

Bibim naengmyeon komt oorspronkelijk uit Noord-Korea. Het gerecht bestaat uit koude boekweitnoedels met knapperige groente, peer en een pittige saus. Boekweitnoedels zijn chewy: vaak worden ze in Koreaanse restaurants met een schaar in stukken geknipt, zodat je ze makkelijker kunt eten.

Ingrediënten (voor 2 personen)

Noedels en garnering:

  • 1 bouillonblokje
  • optioneel: ijsklontjes
  • 1 ei
  • halve nashipeer (ook wel bekend als Aziatische/Japanse/Koreaanse peer of appelpeer); ze zijn te koop bij de toko, maar als je ze niet kunt vinden, kun je ook een niet al te rijpe ‘gewone’ peer gebruiken
  • halve komkommer
  • 3 radijsjes
  • optioneel: 40 gram ingemaakte daikon (zo’n lange, gele wortel die je bij de toko koopt)
  • 3 eetlepels sesamzaad (geroosterd in een droge koekenpan)
  • 100 gram gedroogde dunne boekweitnoedels

Voor de saus

  • halve nashipeer (dat is dus de andere helft van de halve peer hierboven)
  • 1 teen knoflook
  • 2 centimeter verse gember (geschild)
  • halve ui
  • 2 bosuitjes
  • 3 eetlepels gochugaru (Koreaans rode peperpoeder)
  • 2 eetlepels gochujang (Koreaanse rode peperpasta)
  • 1 eetlepel sojasaus
  • 1 theelepel suiker
  • 2 eetlepels rijstsiroop
  • 2 eetlepels appelazijn (of witte wijnazijn)
  • 1 theelepel (geroosterde) sesamolie

Bereidingswijze bibim naengmyeon

  1. Meng het bouillonblokje met 400 milliliter kokend water. Laat de bouillon goed koud worden in de koelkast of vriezer. Of als je houdt van grote-stappen-snel-thuis: gooi er een paar ijsklontjes in (als je hiervoor kiest, gebruik dan iets minder kokend water).
  2. Maak de pittige saus. Snijd alle ingrediënten voor de saus in grove stukken. Doe alles in een blender of mix met de staafmixer tot een gladde saus. Zet hem in de koelkast tot verder gebruik.
  3. Maak de garneringen:
    • Kook het ei tot het halfzacht is. Pel het ei, snijd het doormidden en leg even opzij.
    • Schil de peer, snijd hem in de lengte doormidden en verwijder het klokhuis. Snijd één van de helften in dunne reepjes. Leg ze in een bakje met koud water en een theelepeltje suiker, zodat de peer niet verkleurt. (Bewaar de andere helft voor de saus).
    • Schil de komkommer. Snijd hem in de lengte doormidden, verwijder de zaadjes en snijd de komkommer in dunne reepjes.
    • Snijd de radijsjes in dunne plakjes.
    • Optioneel: snijd de daikon julienne.
  4. Check of de bouillon al koud is. Ja? Dan is waarschijnlijk het gestolde vet boven komen drijven. Ik raad je aan om de bouillon te zeven door een kaasdoek (of als je die niet hebt: door een fijne zeef).
  5. Maak de noedels. Breng een grote pan water aan de kook. Kook de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking, tot ze beetgaar zijn.
  6. Spoel de noedels af onder stromend water. Goed husselen, zodat al het zetmeel wegspoelt. Wil je ze écht koud eten? Dan kun je ze verder koelen in een ijsbadje. Daardoor worden ze extra chewy.
  7. Nu is alles klaar om het gerecht in elkaar te zetten. Verdeel de noedels over 2 kommen. Giet in iedere kom 100 milliliter bouillon (je hoeft niet alle bouillon te gebruiken).
  8. Schik de peer, komkommer, radijsjes en eventueel daikon bovenop de noedels. Leg in iedere kom een half eitje.
  9. Doe tot slot een flinke eetlepel saus bovenop de groenten en bestrooi met sesamzaad. Klaar!

Als je het opdient, is het een plaatje. Het eerste wat je echter moet doen om dit gerecht écht goed te kunnen proeven, is alles door elkaar husselen. Eet smakelijk.

Meer weten over Koreaans eten?



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *